Van Maarsseveen - De vloek vanaf de Domtoren
In dit artikel:
Het Utrechtse bouwproject MARK in Leidsche Rijn Centrum krijgt een woontoren van 135 meter. Daarmee wordt de toren bijna 23 meter hoger dan de Domtoren, die met 112 meter eeuwenlang het hoogste en meest herkenbare gebouw van Utrecht was. De auteur heeft geen principieel bezwaar tegen hoogbouw of tegen de bouw van ruim duizend woningen, maar vraagt zich af waarom juist de historische grens van de Dom moest worden overschreden.
MARK bestaat uit drie woontorens en vier lagere gebouwen, met woningen, winkels, horeca en andere voorzieningen. Volgens de gemeentelijke plannen wordt ongeveer een kwart van de woningen sociale huur en een kwart middenhuur. Het project ligt aan de andere kant van het Amsterdam-Rijnkanaal, op afstand van de historische binnenstad. Voorstanders kunnen daarom wijzen op de woningnood, de groei van Utrecht en de ontwikkeling van Leidsche Rijn tot een volwaardig stedelijk centrum.
De hogere toren is echter het resultaat van een jarenlange bestuurlijke besluitvorming. In 2018 werd de ontwikkeling van de hoogbouwkavel gestart en werd ruimte geboden voor een toren van ongeveer 140 meter. Eind dat jaar werd het winnende ontwerp bekendgemaakt. De gemeente sloot in november 2019 een ontwikkelingsovereenkomst, stelde in maart 2021 stedenbouwkundige voorwaarden vast en nam in 2023 de planologische besluiten die MARK mogelijk maakten. In december van dat jaar volgde bovendien een overeenkomst met de nieuwe aandeelhouder, BPD Ontwikkeling. De omgevingsvergunning werd volgens het artikel in juni 2026 verleend. De bouw zou in 2027 beginnen, waarna de eerste woningen in 2029 worden opgeleverd en het project in 2032 of 2033 klaar moet zijn.
Daarmee is MARK niet het besluit van één bestuurder of één college, benadrukt de auteur. Verschillende colleges, wethouders en gemeenteraden werkten in de loop der jaren aan het plan mee. In mei 2025 kreeg een amendement met de titel ‘Hoger dan de Dom is geen beleid!’ geen meerderheid. De gemeenteraad wilde geen algemene regel invoeren die toekomstige gebouwen boven de Domtoren onmogelijk zou maken.
De column gaat vervolgens over de betekenis van de Domtoren. De historische hoogtebeperking was geen wettelijke regel, maar een stedenbouwkundige afspraak die samenhing met zichtlijnen, het stadsbeeld en de symbolische waarde van de Dom. Voor veel Utrechters is de toren bovendien verbonden met herinneringen aan thuiskomen, jeugd, ontmoetingen en belangrijke gebeurtenissen. De auteur vreest dat die betekenis in bestuurlijke stukken is gereduceerd tot een getal of een factor in een bouwplan.
Hij verbindt die discussie aan de vraag in hoeverre bestuurders zich persoonlijk met Utrecht verbonden voelen. Veel Utrechtse politici zijn elders geboren of opgegroeid. Dat maakt hen volgens hem niet minder geschikt om de stad te besturen: ook iemand die later naar Utrecht kwam, kan oprecht van de stad houden. Wel vraagt hij zich af of persoonlijke herinneringen en een jeugd in Utrecht invloed hebben op de manier waarop bestuurders naar monumenten en de identiteit van de stad kijken. Als voorbeeld noemt hij voormalig burgemeester Jan van Zanen, geboren in Purmerend, en voormalig wethouder Klaas Verschuure, geboren in Enschede maar opgegroeid in Utrecht.
Naast de stedenbouwkundige en culturele gevolgen wil de auteur meer inzicht in de financiële kant van MARK. Bij een project van deze omvang zijn grondposities, bouwrechten, ontwikkelovereenkomsten, investeringen en risicoverdeling tussen gemeente en ontwikkelaars van belang. Hij vraagt welke partijen hoeveel verdienen en hoeveel publieke waarde tegenover de private opbrengsten staat. Tegelijk erkent hij dat ontwikkelaars winst moeten maken en dat zonder investeringen geen woningen worden gebouwd. Of er sprake is van buitensporige verrijking, kan volgens hem nu nog niet worden vastgesteld.
De auteur verwacht niet dat het project nog wordt teruggedraaid: de besluiten zijn genomen en de vergunning is verleend. Hij sluit af met een uitgesproken persoonlijke en ironische aanklacht tegen wat hij bestuurlijke hoogmoed noemt. Toekomstige bewoners treft geen blaam, en MARK kan uiteindelijk zelfs een geliefd herkenningspunt worden. Maar voor hem blijft de kernvraag onbeantwoord waarom 112 meter niet genoeg was. Hoger bouwen dan de Dom betekent volgens de column niet dat je boven Utrecht staat.
Vandaag Inside: Johan Derksen hoort Gerard Joling over Nederlandse politiek: 'Ik ben zo blij dat je er bent!’