Utrecht gaat geen sporters of clubs uit Israël weren, maar werkt aan plan voor mensenrechten

donderdag, 18 december 2025 (10:54) - De Utrechtse Internet Courant

In dit artikel:

Het Utrechtse college van B&W weigert sporters en sportclubs uit Israël niet te weren, maar werkt wel aan een beleidskader om te bepalen hoe de gemeente omgaat met gevallen die mogelijk mensenrechtenschendingen betreffen — daarbij wordt sport expliciet meegenomen. Deze reactie volgt op een aangenomen motie van BIJ1, DENK, VOLT, LINK, EenUtrecht en de Partij voor de Dieren, die stelt dat repressieve staten sport gebruiken voor ‘sportswashing’ en oproept om clubs of sporters uit landen die zich schuldig maken aan genocide, bezetting of apartheid te weren van gemeentelijke faciliteiten en evenementen.

De indieners verwezen naar onder meer het nationale importverbod op producten uit Israëlische nederzettingen en een Nederlands klimaatevent dat drie Israëlische sporters weigerde. Ook wezen zij op het precedent dat Rusland op allerlei manieren wordt uitgesloten, en vonden zij dat Utrecht als Mensenrechtenstad duidelijke regels moet opstellen, zeker omdat de stad regelmatig internationale sportevenementen organiseert.

Het college benadrukt dat Utrecht wèl als mensenrechtenstad wil voorkomen dat de gemeente bijdraagt aan schendingen, maar dat een algeheel verbod of officiële ‘ongewenst’-verklaring niet past bij het profiel van een inclusieve stad. Het stelt dat individuele sporters en clubs niet automatisch verantwoordelijk gehouden moeten worden voor de daden van hun regering. Praktisch gezien werkt het college al aan een breder mensenrechtenkader; de uitwerking waarin ook sportcasussen worden opgenomen wordt begin 2026 verwacht (in plaats van een extra update eind 2025). Daarnaast gaat het college in gesprek met relevante evenementenorganisaties en sportclubs. Vanwege de gevoeligheid zijn reacties op het oorspronkelijke artikel uitgeschakeld.