Onderzoek: slavernijverleden ook onderdeel van geschiedenis Zeist
In dit artikel:
Het rapport Sporen van het slavernijverleden in Zeist, dat afgelopen week werd gepresenteerd en in opdracht van de gemeente is uitgevoerd, toont aan dat het koloniale slavernijsysteem ook in Zeist sporen heeft nagelaten. De gemeente als bestuurlijke organisatie speelde zelf geen directe rol in dat systeem, maar via inwoners, bestuurders en lokale netwerken bestonden wel duidelijke verbindingen met slavernij en plantagebeheer in Suriname en Berbice. Zo hielden personen als Joachim Ferdinand de Beaufort en Jan Kol vanuit Nederland — deels vanuit Zeist — toezicht op plantages.
In de negentiende eeuw vestigden veel vermogende families zich in Zeist nadat zij hun vermogen in de koloniën hadden vergaard. Die rijkdom is nog zichtbaar in landgoederen en gebouwen zoals Slot Zeist, Hoog Beek en Royen, Pavia, De Breul, Ma Retraite en Blanda. Ook straat- en plaatsnamen (onder meer De Breul, Blikkenburg, Huydecoperweg) herinneren aan historische figuren met koloniale banden.
Burgemeester Joyce Langenacker nam het rapport in ontvangst en benadrukte het belang van openheid en gesprek over deze geschiedenis: “Juist daarom is het belangrijk dat we dit zorgvuldig zichtbaar maken en er het gesprek over voeren.” De gemeente werkt aan een publieksvriendelijke versie van het onderzoek die op 26 juni in Figi wordt gepresenteerd tijdens een herdenking, en aan een lespakket voor scholen dat volgend schooljaar beschikbaar moet zijn.