Onderzoek naar identiteit Heulmeisje opnieuw op dood spoor
In dit artikel:
Het Openbaar Ministerie (OM) meldt dat dna-onderzoek van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) in Europese databanken naar de identiteit van het zogenoemde Heulmeisje niets heeft opgeleverd. De vergelijking van haar profiel met personen uit justitiële en vermistenregisters, bedoeld om mogelijke ouders of broers/zussen op te sporen, leverde geen nieuwe aanknopingspunten op, aldus persofficier Bart Nitrouw. Daarmee zit de identificatie opnieuw vast.
Het Heulmeisje werd in oktober 1976 gevonden in een ondiep graf bij parkeerplaats De Heul langs de A12 bij Maarsbergen; het slachtoffer was naar schatting 13–15 jaar, naakt en afgedekt met bladeren en takken. Het graf is op 14 april dit jaar voor de vierde keer geopend; daarbij werden eerder voor onderzoek bewaarde forensische resten teruggeplaatst en herbegraven. Eerdere opgravingen dienden onder meer voor aanvullende dna- en isotopenonderzoek en vonden plaats toen een vermeend slachtoffer, Monique Jacobse, onverwacht terugkeerde — zij bleek later niet het Heulmeisje maar leefde onder een anonieme identiteit in Duitsland.
Jarenlang zijn in dit dossier fouten gemaakt, onder meer de veronderstelling dat het gevonden meisje Jacobse was. Sinds 2022 probeerde nieuwsorganisatie RTV Utrecht de identiteit met behulp van genealogische dna-databanken in de VS te achterhalen, maar OM en NFI weigerden het dna vrij te geven. Burgemeester Naafs wees eveneens een verzoek af om een nieuw monster te nemen, uit zorg voor het verloop van het strafrechtelijk onderzoek en de grafrust. Waar het OM in justitiële bronnen zocht, wilde RTV Utrecht via commerciële genealogische bestanden ook verder verwante familieleden (zoals neven/nichten of ooms/tantes) traceren — een methode die in andere landen wel vaker cold cases oplost, maar hier wegens juridische en beleidsmatige bezwaren niet is toegepast.