Hendrica Leurs opende een meisjesschool én belandde in de gevangenis

maandag, 27 april 2026 (11:21) - RTV Utrecht

In dit artikel:

Hendrica Leurs uit Utrecht zette in het begin van de 19e eeuw een meisjesschool op en bleek daarmee een pionier in vrouwenonderwijs — een rol die auteur Marlies Medema nu in kaart brengt in De erfenis van Hendrica Leurs. Medema dook in de Utrechtse archieven en reconstrueerde Leurs’ leven: dochter van een wetenschapper en arts, vermoedelijk scherpzinnig, die een zogenaamde opvoedingsinstelling runde aan de Trans en later aan de Nieuwegracht. Ongeveer veertig meisjes van 12–16 jaar kregen er opvoeding in correcte manieren en vakken als Frans (de voertaal op school), Nederlands, geschiedenis en natuurkennis; exacte wetenschappen als wiskunde en natuurkunde werden bewust niet gegeven omdat die toen niet als 'vrouwenvakken' werden gezien.

De school viel in de hogere burgerij in de smaak — als alternatief voor thuisscholing door een gouvernante — maar Leurs’ reputatie liep flinke schade op toen ze werd beschuldigd van het vervalsen van bankbiljetten. Ze werd opgepakt en in de vrouwengevangenis geplaatst, waar de omstandigheden slecht waren: geen individuele cellen, overbevolking, onhygiënische situaties en mannelijk toezicht dat vrouwen kwetsbaar maakte. Uiteindelijk werd Leurs wegens gebrek aan bewijs vrijgesproken, maar de rechtsgang toont volgens Medema hoe sterk toen werd afgerekend op iemands 'zedelijk gedrag', iets wat in moderne processen niet meer als bewijsvoering geldt.

Medema werkte drie jaar aan het boek naast haar baan, geïnitieerd door een vermelding in 1001 vrouwen uit de Nederlandse geschiedenis. Zij benadrukt dat vrouwen als Leurs vaak onzichtbaar zijn gemaakt, terwijl zij wél invloed uitoefenden door onderwijs en voorbeeldgedrag — stapjes die later onder meer door vrouwen als Aletta Jacobs werden voortgezet richting algemeen kiesrecht en grotere gelijkheid.