Extra waterpunten, sponzen en sproeiers, maar toch onwelwordingen bij marathons: 'Eind mei is voor de meesten te warm'
In dit artikel:
Duizenden lopers namen zondag deel aan hardloopevenementen in Utrecht, Amersfoort en Vianen, maar het warme en vochtige weer zorgde voor veel problemen: bij twee wedstrijden moest zelfs worden gereanimeerd. In Utrecht won Yannick van Hoof de marathon, maar hij noemde de omstandigheden “veel te warm”; ook andere deelnemers klaagden vanaf de vroege kilometers over de hitte. De organisatie van alle drie de evenementen trof extra maatregelen — meer verzorgingsposten, extra water, schaduw op het parcours en vrijwilligers die met water sproeiden — en de Atletiekunie vond de genomen maatregelen voldoende, maar stelde dat veel deelnemers er niet op voorbereid waren.
In Amersfoort vielen circa 80 lopers uit, waarvan zo’n 20 daadwerkelijk in de problemen kwamen, aldus organisator Mik Borsten. Hij wijst erop dat de organisatie veel kan doen, maar niet het weer, en overweegt om de marathonstructureel eerder in het jaar te plannen. In Vianen verliep de Vrijstad-loop zonder medische incidenten; organisator Janine Sporrel wijst op de kleinere schaal (±1.200 lopers) en veel schaduw op het parcours als verklaringen.
Hardloopcoach Fred van Mook benadrukte het verschil tussen toppers en recreanten: elitelopers zoals winnares Jasmijn Sibma hebben vaak voldoende reserve om in uiteenlopende omstandigheden door te lopen, maar veel recreanten zijn dat niet gewend en neigen toch door te willen zetten, met gezondheidsrisico’s tot gevolg. Van Mook pleit er daarom voor om grote publieksevenementen niet meer eind mei te plannen; veel grote Europese marathons vinden juist in maart–april plaats.
Alle organiserende partijen laten weten de dag te evalueren en te bekijken of het verstandig is om toekomstige edities eerder in het jaar te plannen, starttijden te herzien of extra preventieve maatregelen te nemen nu hitte en onwelwordingen vaker lijken voor te komen.