Emoties lopen hoog op bij staking Lantor Veenendaal, directeur vliegt over vanuit Londen
In dit artikel:
Werknemers van Lantor in het centrum van Veenendaal hebben vandaag voor de derde keer in korte tijd gestaakt uit vrees dat het bedrijf sluit of delen naar Duitsland verplaatst. Rond het middaguur stonden zo'n veertig medewerkers met protestborden bij de poort; vakbonden FNV en CNV eisen duidelijkheid en een sociaal plan. De onrust was dusdanig dat de directeur speciaal uit Londen overkwam en de Chinese eigenaar, Ben Chiang, uit Engeland kwam woordvoeren en een eisenformulier in ontvangst nam.
Lantor produceert composietmaterialen voor onder meer zeilboten, sportauto's, opslaghallen en hoogspanningskabels. Werknemers zeggen gehoord te hebben dat onderdelen van de productie naar Duitsland verhuizen, waardoor banen op de tocht zouden komen te staan. Veel personeelsleden zijn oud en dicht bij pensioen, waardoor vakbonden waarschuwen dat zij tussen wal en schip kunnen vallen zonder goede regelingen.
De FNV en CNV vragen onder meer een salarisverhoging van 6 procent, drievoud van de wettelijke transitievergoeding, reiskostenvergoeding voor wie mee verhuist en een vrijwillige vertrekregeling plus begeleiding bij het zoeken naar nieuw werk. Vakbondsvertegenwoordigers noemen het extra lastig voor oudere werknemers die lange tijd niet meer hebben hoeven solliciteren.
Lantor zegt begrip te hebben voor de gespannen situatie en benadrukt de ambitie om in Veenendaal te blijven. Tegelijkertijd bevestigt de directie dat ze onderzoekt of het warenhuis in Ede naar Duitsland kan worden verplaatst vanwege stijgende energie- en personeelskosten en om concurrerend te blijven. Concrete mogelijkheden voor een sociaal plan worden door de directie onderzocht; onderhandelingen moeten volgens hen van twee kanten komen.
Bij Lantor werken momenteel ongeveer zeventig mensen; een paar jaar geleden waren dat er nog circa driehonderd. Werknemers zoals Wesley (33), die op de snijafdeling werkt die volgens hen als eerste gedecimeerd kan worden, zeggen niet bereid te zijn ver te reizen en vrezen voor hun inkomen en gezin.
De directie betreurt de negatieve toon van de vakbonden ten opzichte van het bedrijf en wil aan tafel met de vertegenwoordigers om tot afspraken te komen. De komende tijd wordt cruciaal: werknemers willen zekerheid en bescherming, de leiding wil operationele flexibiliteit om de concurrentiepositie veilig te stellen.