Eddy Zoëy ziet waarom de ene boom kaal is en de ander nog vol in het blad zit: 'Hij heeft gewoon anti-vries'
In dit artikel:
In provincie Utrecht, half februari, zijn eiken en beuken kaal terwijl naaldbomen en struiken zoals klimop nog groen ogen. Plantenkenner Stef van Walsum (in gesprek met presentator Eddy Zoëy in het Amerongse bos) verklaart dat het verschil een kwestie van overleving is. Loofbomen laten hun blad vallen omdat verdamping via bladeren bij bevroren grond niet kan worden aangevuld; blijven ze loof houden, dan riskeren ze bevriezing of uitdroging en zetten ze het leven in een soort pauzestand.
Wintergroene soorten hebben juist aanpassingen om de kou te weerstaan: een dikke, wasachtige laag op bladeren vermindert verdamping, naalden zijn opgerolde bladeren met stomata diep verborgen, en in de herfst bouwen ze extra suikers op die in het bladvocht werken als een natuurlijke antivries. Sommige struiken (zoals wilde liguster en braam) zijn tussenvormen: bij strenge vorst verliezen ze alsnog hun blad, bij zachte winters blijven ze groen.
Daarnaast zijn groenblijvers belangrijk voor de biodiversiteit: ze bieden in de winter waardevolle schuil- en voedselplekken voor vogels en insecten.