Drie struikelstenen geplaatst op de Croeselaan

vrijdag, 17 april 2026 (14:39) - Nieuws030

In dit artikel:

Voor Croeselaan 235 zijn vanmiddag drie struikelstenen geplaatst ter nagedachtenis aan de joodse familie Blok: David Hartog Blok, zijn vrouw Betje Blok‑Witmond en hun zoon Izaäk Philip Blok. De stenen markeren dat deze drie Utrechters in de Tweede Wereldoorlog werden gedeporteerd en op 2 juli 1943 in Sobibor werden vermoord. Onderzoekster Doete Regts hield bij de onthulling een toespraak waarvan de tekst integraal werd gepubliceerd.

David Hartog Blok (geboren 28 augustus 1889 in Medemblik) werkte als koopman en richtte later het Nederlandse filiaal van het Brusselse naaizijdebedrijf Tubor-Tubca op. In januari 1940 nam hij het filiaal over als eigenaar. Betje Witmond (geboren 14 januari 1891 in Monnickendam) verhuisde in de jaren twintig naar Eindhoven en trouwde in januari 1926 met David. Hun zoon Izaäk Philip werd op 20 oktober 1926 in Medemblik geboren. Het gezin vestigde zich eind jaren twintig in Utrecht; zij woonden achtereenvolgens aan de Merwedekade, Balijelaan en uiteindelijk in een benedenwoning aan de Croeselaan 235.

De lezing schetst hun familiebanden (de families Blok en Witmond waren verwant via huwelijken), hun maatschappelijke positie en concrete gegevens zoals David Hartogs militaire keuring en handelsactiviteiten. David voerde het bedrijf aanvankelijk vanuit huis; vanaf januari 1939 verhuisde het kantoor naar Mariahoek 15. In mei 1940 nam de Duitse bezetting toe: joden werden systematisch uitgesloten, moesten hun bezit opgeven en vanaf 3 mei 1942 de Jodenster dragen. David verloor landbouwgrond in Andijk en zijn zaak Tubor‑Tubca‑Utrecht werd als ‘Joods bezit’ geconfisqueerd en geliquideerd door het Rijkstextielbureau. Meubels van het gezin belandden bij de Duitse Wehrmacht.

In juni 1942 dook het gezin onder in Driebergen; eerder had David in mei 1941 Marinus Christiaan Westerhout als procuratiehouder benoemd — Westerhout en zijn vrouw zaten in het verzet. Hun zoon Izaäk, bijna 15 toen joodse leerlingen vanaf september 1941 moesten overstappen op aparte scholen, lijkt na die datum niet meer te hebben deelgenomen aan onderwijs. Een jaar onderduiken volgde geen veilige afloop: op 16 juni 1943 werden David, Betje en Izaäk in Driebergen gearresteerd, via Amsterdam en kamp Westerbork gedeporteerd en op 2 juli 1943 in Sobibor direct na aankomst vermoord.

De plaatsen en data zijn droog en concreet: geboren in Medemblik en Monnickendam (1889, 1891), getrouwd in 1926, zoon geboren 1926, verhuis naar Utrecht eind jaren twintig, bedrijfsovername 1 januari 1940, onderduiken juni 1942, arrestatie 16 juni 1943 en dood 2 juli 1943. David Hartog stierf op 53‑jarige leeftijd, Betje op 52 en Izaäk op 16.

De struikelstenen bij Croeselaan 235 vormen een klein, tastbaar monument in de openbare ruimte: ze geven voorbijgangers een directe herinnering aan de naam, het leven en het gewelddadige einde van deze Utrechtse familie en passen in een bredere traditie van herdenken van slachtoffers van de Holocaust.