UMC start onderzoek met dagboeken naar seksueel misbruik bij kinderen
In dit artikel:
Klinisch psycholoog en pas aangestelde hoogleraar Seksueel Misbruik van Kinderen Iva Bicanic van het UMC Utrecht start volgend jaar een uniek onderzoek naar kindermisbruik aan de hand van oude dagboeken van slachtoffers die nu volwassen zijn. Het project, dat loopt tot 2030, verzamelt dagboekfragmenten via social media en combineert tekstanalyses met diepte-interviews met de dagboekeigenaren om ervaringen van toen stap voor stap in kaart te brengen.
Bicanic verwacht vooral schriftjes van kinderen vanaf ongeveer 8–10 jaar (vanwege leesbaarheid) en zoekt niet alleen naar wat er gebeurde, maar ook naar de taal die kinderen gebruikten om het te omschrijven. Ze wil ontdekken of termen als “aanzitten” of “vies spelletje” terugkomen en hoe symptomen en identiteitsontwikkeling zich over de jaren ontwikkelen. Bij kinderen uit zich misbruik vaak in gedragsveranderingen zoals prikkelbaarheid, slaapproblemen, buikpijn en terugtrekking, en die evolutie wil het team onderzoeken.
Een eerdere pilot gaf vertrouwen in voldoende aanmeldingen. Doel is naast wetenschappelijke inzichten ook praktische toepassing: het uitbreiden van het vocabulaire rond kindermisbruik zodat hulpverleners en scholen signalen beter herkennen en slachtoffers beter kunnen worden geholpen. Het UMC noemt het initiatief wereldwijd bijzonder.