Demissionair minister-president Dick Schoof bezoekt Voedselbank Ondiep-Overvecht: 'Ik heb diepe bewondering voor wat de vrijwilligers hier doen'
In dit artikel:
Op woensdag 17 december bezocht demissionair minister‑president Dick Schoof Voedselbank Ondiep‑Overvecht in Utrecht. Tijdens het werkbezoek sprak hij met vrijwilligers, hielp mee met de uitgifte van feestdagenpakketten en kreeg hij uitleg over de organisatie en distributie van voedselzaken. Schoof zei te hebben gezien “hoe de voedselbanken dagelijks het verschil maken” en sprak zijn bewondering uit voor de inzet van vrijwilligers. Hij benadrukte dat in een welvarend land niemand mag achterblijven en dat iedereen toegang moet hebben tot basisvoorzieningen zoals voedsel.
In Utrecht zijn zeven uitgiftepunten van Voedselbank Utrecht actief: Kanaleneiland, Lombok, Lunetten, Ondiep‑Overvecht, Rivierenwijk, Utrecht‑Oost en Zuilen; Leidsche Rijn heeft een eigen locatie maar valt formeel buiten de stichting. Gezamenlijk delen deze locaties wekelijks circa 700 pakketten uit en ondersteunen bijna 2.000 Utrechters. Het punt in Ondiep‑Overvecht is het grootste en ontvangt ongeveer 260 huishoudens per week.
Henk Staghouwer, voorzitter van Voedselbanken Nederland, benadrukte dat de decembermaand extra zwaar is voor mensen in armoede en dat veel hulpbehoevenden uit schaamte of onwetendheid geen hulp vragen. “Juist in de dure decembermaand hebben mensen in armoede moeite om rond te komen,” aldus Staghouwer, die het bezoek van Schoof waardeert omdat het de zichtbaarheid vergroot en drempels kan verlagen.
Voedselbank Ondiep‑Overvecht werkt vanuit ontmoetingscentrum NOA aan de Moldaudreef en doet dat in samenwerking met onder meer het Leger des Heils, ROC Midden Nederland en de Werkwinkel. Een onderscheidend kenmerk is het winkelconcept: deelnemers kiezen zelf hun boodschappen met een puntensysteem (bijvoorbeeld 17 punten voor een huishouden van 3–4 personen; een pak rijst kost 1 punt, een fles olie 3 punten). Vrijwilligers leggen uit dat deze aanpak de waardigheid vergroot en voedselverspilling vermindert, omdat gezinnen alleen halen wat zij echt gebruiken.
Het bezoek onderstreept zowel de schaal en het belang van lokale voedselhulp als de rol van vrijwilligers en innovatieve uitgifteconcepten bij het verbeteren van hulpverlening en het verlagen van drempels voor hulpzoekenden.