Celstraf Utrechtse arts voor poging moord op eigen baby valt in hoger beroep lager uit
In dit artikel:
De Utrechtse arts Sarah V. (39) is in hoger beroep door het gerechtshof in Arnhem veroordeeld tot acht jaar gevangenisstraf voor poging tot moord op haar pasgeboren dochter en voor het voorbereiden van moord en zware mishandeling. De rechtbank Midden-Nederland legde haar eerder elf jaar op; het hof verlaagde de straf omdat het haar deels verminderd toerekeningsvatbaar acht. Volgens het Openbaar Ministerie had V. in de eerste levensmaanden verdunde moedermelk toegediend met loperamide — een middel tegen diarree dat bij baby’s ernstige verstoppingen en hartproblemen kan veroorzaken — en daarmee haar dochter willen vergiftigen. V. heeft de beschuldigingen steeds ontkend.
Aanvankelijk was ze ook verdacht van mishandeling van haar zoon, maar daarvoor was ze vrijgesproken; in het hoger beroep ging het alleen om de dochter. Tijdens het proces mocht V. onder strikte voorwaarden het vervolg in vrijheid afwachten en was ze overdag onder toezicht bij haar kinderen. Ze was niet aanwezig bij de uitspraak; het hof laat haar voorlopig vrij totdat de veroordeling definitief is. Haar advocaat kon nog niet zeggen of zij in cassatie bij de Hoge Raad gaat.