Brief van pandeigenaar A, ofwel 'de Utrechtse bezwaarmaker'

maandag, 7 september 2026 (12:39) - Nieuws030

In dit artikel:

De eigenaar van een pand in de Utrechtse binnenstad heeft de gemeenteraad gevraagd uitleg te geven over recente uitspraken van de Raad van State in een langdurig handhavingsconflict met de gemeente. De zaak draait om twee naast elkaar gelegen panden, hun keldermuren en werkzaamheden die volgens de gemeente noodzakelijk waren om de constructieve veiligheid te herstellen.

Volgens de eigenaar was de achtergevel van zijn pand in 2016 verwijderd omdat die door verzakking en scheuren dreigde in te storten. Een jaar later bezweek een deel van de gebogen keldermuur tussen beide panden. Deskundigen zouden hebben vastgesteld dat verbouwingen in het naastgelegen pand, waaronder het slopen van keldermuren, de muur onder druk hadden gezet. De eigenaar vroeg de gemeente om hulp, maar kreeg in plaats daarvan lasten onder dwangsom opgelegd. Die liepen op tot 30.000 euro voor de keldermuur en 20.000 euro voor de achtergevel.

Omdat vergunningaanvragen volgens hem herhaaldelijk buiten behandeling werden gesteld, liet de gemeente in 2019 zelf werkzaamheden uitvoeren. De kosten voor de aannemer en ambtelijke inzet bedroegen samen ruim 217.000 euro, waarvan het grootste deel op de eigenaar werd verhaald. Later liet de gemeente ook de achtergevel herstellen; daarvoor werd bijna 300.000 euro bij de eigenaar in rekening gebracht. Het conflict heeft volgens de brief geleid tot miljoenen euro’s aan juridische en bestuurlijke kosten en meerdere procedures.

De Raad van State deed op 15 juli 2026 uitspraak in tien samenhangende procedures. Volgens de rechter was de waalstenenmuur in de kelder een later aangebrachte voorzetwand zonder dragende functie. De daarnaast gelegen muur van kloostermoppen gold wél als onderdeel van de bouwconstructie, maar was volgens de Raad van State al zodanig uitgebogen en bezweken dat zij juridisch en technisch niet meer dragend was. De gemeente mocht daarom handhavend optreden tegen de toestand van die muur. De eigenaar stelt bovendien dat de waalstenenmuur, die in 2001 deels was weggehakt voor een trap, niet of onvoldoende is onderzocht.

Daaruit leidt de eigenaar een volgens hem onbegrijpelijke tegenstrijdigheid af: als zowel de kloostermoppenmuur als de waalstenenmuur geen dragende functie had, waarop rustte dan de meer dan twaalf meter hoge scheidingsmuur tussen de panden? Hij vraagt de gemeenteraad om die vraag zelf te beantwoorden of het college om uitleg te verzoeken. Als de uitspraken feitelijk niet kunnen kloppen, wil hij dat de gemeente de Raad van State vraagt de uitspraken vervallen te verklaren en de zaken opnieuw te beoordelen.

In een naschrift zegt de eigenaar dat hij eerder media-aandacht en interviews heeft afgewezen om een ‘trial by media’ te voorkomen. Hij verzet zich ook tegen de eerdere typering als ‘Utrechtse bezwaarmaker’: volgens hem dienden zijn rechtsbijstandverleners bezwaren in omdat gemeentelijke besluiten onjuist waren en hij zich tegen de gemeente moest verdedigen. Hij stelt dat zijn eigen schade veel groter is dan de ongeveer één miljoen euro aan verbeurde dwangsommen.

Verder vraagt hij om bescherming van zijn privacy. Hij zegt bedreigingen te hebben ontvangen en verwijt het college dat adresgegevens ondanks eerdere toezeggingen openbaar konden worden. Volgens hem besteedde de gemeente bovendien meer dan een half miljoen euro aan advocaten aan procedures over die publicatie. Daarom verzoekt hij de gemeenteraad, het college, betrokken bestuurders en media zijn naam en adres niet zonder toestemming te publiceren.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Johan Derksen stellig: ‘Van Bommel had niet eens geel moeten krijgen!’